De narcist in ons


 

Als we zeggen dat het handig is om in de 21ste eeuw narcistisch te zijn, doelen we daarmee op gezonde ijdelheid, ambitie en eigenliefde. Maar narcisme kan ook ziekelijke vormen aannemen.

De diagnose ‘narcisme’ blijkt in de cliëntrapportages van psychologen en psychiaters vaak voor te komen. Dat is ook wel logisch, want ‘narcisme is een essentiële problematiek die ten grondslag ligt aan de meeste psychische problemen’, aldus de Amsterdamse psychoanalytica Gerdine Veen. Hoewel cliënten vaak erg lijden onder hun narcisme, hebben ze zelf niet in de gaten waar de oorzaak van hun problemen zit, weet Veen uit ervaring. ‘Cliënten melden zich aan met andere klachten. “Hoe komt het toch dat het mij steeds niet lukt om een relatie in stand te houden?”, vragen ze zich af. Ze vertellen dat ze vastlopen in hun relatie of op hun werk, dat ze zich vervelen omdat niets hen kan boeien, of dat ze zich zeer depressief voelen na relatief kleine tegenslagen.’

Uit Amerikaans onderzoek, uitgevoerd aan de universiteit van Georgia, bleek dat narcisten inderdaad slecht zijn in relaties. Onderzoeker Keith Campbell concludeerde dat narcisten weliswaar charmant en vol zelfvertrouwen overkomen, en daardoor snel allerlei mensen aan de haak kunnen slaan, maar tegelijkertijd blijken ze er zelden in te slagen een langdurige relatie op te bouwen. Uit de informatie die de narcisten daar zelf over verschaften, en ook uit de verhalen van hun huidige en voormalige partners, maakte Campbell op dat narcisten egoïstisch, manipulatief, ontrouw en machtswellustig zijn in relaties. Campbell noemt de liefdesstijl van narcisten dan ook game-playing love: ze willen de baas zijn, houden afstand, gaan vaak vreemd en doen er alles aan om maar niet afhankelijk van hun partner te worden.

Autonomie en hechting

Narcisten beseffen hun eigen arrogantie niet, en weten hun opgeblazen gevoel van belangrijkheid te presenteren als de normaalste zaak van de wereld. Gerdine Veen: ‘Je ziet aan iemand niet meteen dat hij narcistisch is. Waar je het aan kunt merken, is dat iemand steeds mogelijkheden voor zichzelf aan het scheppen is om zijn gevoel van belangrijkheid intact te houden.

Zoals een eeuwige student die eindeloos tentamens uitstelt om ’n gevoel van ‘de beste te zijn’ maar te kunnen handhaven. Je merkt het ook als iemand telkens bevestiging en bewondering zoekt. Dat is van levensbelang voor narcisten, omdat ze anders een gebrek aan eigenwaarde voelen. Narcisten kunnen van zichzelf niet beoordelen of ze wel goed genoeg zijn in wat ze doen, en willen dus steeds van andere mensen positieve dingen over zichzelf horen. Ze zijn daardoor voortdurend afhankelijk van de mening van anderen.’

Stereotypering

Volgens Thijs de Wolf, psychoanalyticus en directeur van het Nederlands Psychoanalytisch Instituut, moet je ervoor waken om iemand als ‘die vreselijke narcist’ te zien: ‘Er bestaat eigenlijk niet zo iemand als ‘de’ narcist. Iedereen heeft wel iets narcistisch in zich: de behoefte om jezelf te profileren en autonoom te zijn is één van de twee fundamentele strevingen van de mens.

De andere is de behoefte om je te hechten en ergens bij te horen. Tussen die twee strevingen laveert een mens in zijn leven, en je zou kunnen zeggen dat mensen die te veel van het eerste hebben, narcistisch zijn. Maar een teveel aan narcisme is bijna nooit de enige weeffout die iemand in zijn karakter heeft; meestal gaat het om een kluwen van psychische problemen.’

Een eigen nestje

Een van de dingen waaraan je kunt merken dat je met een narcist te maken hebt, is het gebrek aan inlevingsvermogen, aldus Thijs de Wolf. ‘Een echte narcist heeft geen idee van wat er in een ander omgaat. Zo had ik eens een cliënt die bij me kwam omdat zijn vrouw tegen hem had gezegd: ‘Je bent geen slechte man, maar je doet nooit eens iets aardigs voor me. Je neemt nooit eens een cadeautje mee, of een bos bloemen.’ Hij snapte er niks van, en maakte een tabelletje in zijn agenda: de ene week een bos bloemen, de andere week een doos bonbons, daarna weer parfum; zo wisselde hij dat steeds af.

Aanvankelijk was zijn vrouw blij met de cadeaus, maar toen ze de tabel in zijn agenda ontdekte, werd ze boos. Hij begreep die boosheid niet, omdat hij niet besefte dat het veel leuker is wanneer je iemand een cadeau geeft op momenten dat de ander daar behoefte aan heeft. Daarvoor moet je weten wat er in de ander omgaat, en dat wist hij nou juist niet, omdat hij zich dat nooit afvroeg.’

Ook bij deze cliënt is het narcisme een onderdeel van een kluwen van psychische problemen. ‘Hij was op zeer jonge leeftijd getraumatiseerd. Zijn ouders hadden in de Tweede Wereldoorlog in een concentratiekamp gezeten en waren daardoor niet in staat hem genoeg veiligheid te bieden. Hij had zich als kleine jongen vaak verlaten gevoeld. Daardoor leerde hij al heel jong dat hij, om te overleven, emotioneel minder moest investeren in anderen, en meer in zichzelf.

Bij gebrek aan een nest, creëerde hij als het ware zijn eigen nestje. Oftewel, hij leerde niet te investeren in relaties, en zijn ouders gaven hem ook niet dat voorbeeld. Je moet het zo zien dat in de kinderjaren in de hersenen de ‘emotionele bedrading’ wordt aangelegd voor het aangaan van relaties met anderen. Bij hem heeft die bedrading nooit voldoende tot ontwikkeling kunnen komen, waardoor hij in zijn volwassen leven slecht in staat is om mee te voelen met andere mensen.’

Onvervulbaar verlangen

Toch zijn er veel narcisten bij wie het ‘emotionele kluizenaarschap’ diep van binnen een gevoel van grote leegte veroorzaakt. Depressiviteit en angst zijn dan ook gevoelens die vaak schuilgaan achter het imponerende masker van een narcist. Een vicieuze cirkel ontstaat: om de leegte maar op te vullen, gaat de narcist meer en meer bewondering zoeken.

Psychoanalytica Gerdine Veen: ‘Narcisme is eigenlijk een weerspiegeling van wat iemand van jongs af aan ontbeerd heeft in relaties. Als kind is nooit tegen hem gezegd: ‘Je bent goed zoals je bent.’ Dat narcistische verlangen kan niet meer vervuld worden, wat voor cliënten een pijnlijke doch noodzakelijke gewaarwording is. Ze moeten gaan beseffen dat ze niet altijd in het middelpunt kunnen staan, omdat andere mensen ook hun eigen verlangens en gevoelens hebben.’

 

Bron tekst: Psychologie Magazine

Volg OnzeCoach op Linkedin:
linkedin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *